Toronto als toevluchtsoord voor het centrum-links
In de marge van een congres waar sprekers als voormalig Amerikaans president Barack Obama en de Canadese premier Mark Carney het woord voerden, kwamen de leiders van het wereldwijde centrum-links bijeen om hun strategie tegen de opmars van het radicaal-rechtse gedachtegoed te bespreken. Het Global Progress Action Summit in Toronto werd gepositioneerd als een progressieve tegenhanger van de Amerikaanse CPAC, het jaarlijkse evenement waar conservatieve populisten uit de hele wereld samenkomen.
Van ‘fever’ naar blijvende realiteit
Jarenlang gingen liberale denkers ervan uit dat het fenomeen Trumpisme een tijdelijke afwijking was, een ‘fever’ die vanzelf zou overwaaien. Zowel de voormalige Amerikaanse presidenten Bill Clinton als Barack Obama voorspelden dat de kiezers na een electorale afstraffing zouden terugkeren naar de traditionele politieke orde. Die hoop is vervlogen.
De presidentschap van Joe Biden bracht geen einde aan het Trumpisme, en ook in andere landen, zoals Frankrijk en Polen, bleken verkiezingsnederlagen voor de radicaal-rechtse partijen geen definitieve keerpunten. Pete Buttigieg, voormalig minister van Transport onder Biden en een mogelijke presidentskandidaat in 2028, stelde tijdens het congres vast:
"Het is duidelijk dat Democraten dit niet langer kunnen zien als een toevallige anomalie of een probleem dat zichzelf oplost. Kijk om je heen: de wereld is het bewijs."
Canada als zeldzaam voorbeeld
De keuze voor Toronto als locatie was geen toeval. Canada vormt een uitzondering in de internationale politiek: de Liberale Partij van het land regeert al elf jaar onafgebroken, terwijl de conservatieve oppositie weliswaar populistischer is geworden, maar nog steeds aanzienlijk gematigder blijft dan de Amerikaanse Republikeinen of Europese radicaal-rechtse partijen.
Toch had geen van de aanwezigen een blauwdruk om hun eigen landen meer op Canada te laten lijken. Integendeel: de discussies gingen niet over hoe de radicaal-rechtse partijen volledig uit te schakelen, maar over hoe men met hun bestaan kan omgaan. De focus verschoof van ‘de radicaal-rechtse dreiging verslaan’ naar ‘hoe kunnen we ervoor zorgen dat ze geen invloed uitoefenen’.
Een nieuwe definitie van overwinning
De liberale leiders erkenden dat het uitbannen van het radicaal-rechtse gedachtegoed onmogelijk is. In plaats daarvan streven ze naar een politieke realiteit waarin deze partijen geen dominante rol meer spelen. Neera Tanden, voorzitter van het Center for American Progress en een van de organisatoren van het congres, verwoordde het als volgt:
"Dit is precies waarom we dit werk doen."
De strategie richt zich nu op het creëren van een politieke omgeving waarin de radicaal-rechtse partijen geen aantrekkingskracht meer uitoefenen op een meerderheid van de kiezers. Dit betekent onder meer het versterken van de economische positie van de middenklasse, het aanpakken van sociale ongelijkheid en het bieden van een overtuigend alternatief voor de simplistische oplossingen die de radicaal-rechtse partijen vaak aanbieden.
De uitdaging voor de toekomst
De vraag blijft: hoe kunnen liberale partijen wereldwijd de steun van kiezers behouden of terugwinnen, zonder zich te laten leiden door de retoriek van de radicaal-rechtse oppositie? Het antwoord ligt mogelijk in het herdefiniëren van succes: niet langer streven naar een volledige overwinning, maar naar een politieke realiteit waarin de radicaal-rechtse partijen geen bedreiging meer vormen voor de democratische waarden en de stabiliteit van de samenleving.