Een recent onderzoek van de Yale School of Medicine toont aan dat een veelvoorkomende Parkinson-medicatie de effectiviteit van levodopa, de gouden standaardbehandeling voor de ziekte van Parkinson, kan verminderen. Levodopa verhoogt de dopamineproductie in de hersenen, maar naarmate de ziekte vordert, zijn patiënten vaak aangewezen op aanvullende medicatie.

Een specifieke groep medicijnen, catechol-O-methyltransferase-remmers (COMT-remmers), wordt gebruikt om de hoeveelheid levodopa die de hersenen bereikt te verhogen. Tot nu toe werd aangenomen dat deze medicijnen de werking van levodopa verbeteren door enzymen in de lever te blokkeren. Het nieuwe onderzoek toont echter aan dat COMT-remmers ook een onverwachte interactie aangaan met de darmflora.

De studie, gepubliceerd in Nature Microbiology, onthult dat COMT-remmers de samenstelling van de darmmicrobiota veranderen. Dit leidt tot de groei van bacteriën die levodopa afbreken voordat het de hersenen kan bereiken. Een van deze bacteriën is Enterococcus faecalis, die een enzym bevat dat levodopa kan omzetten in een stof die niet door de bloed-hersenbarrière kan.

“We ontdekten een contraproductief effect van een medicijn dat juist de werkzaamheid van levodopa zou moeten verbeteren”, aldus hoofdauteur Andrew Verdegaal, postdoctoraal onderzoeker aan Yale. “Hoewel we gewend zijn om de lever te zien als de belangrijkste mediator voor medicijn-interacties, blijkt deze interactie plaats te vinden via de darmflora.”

Parkinson wordt veroorzaakt door een tekort aan dopamine. Levodopa wordt oraal ingenomen en passeert de bloed-hersenbarrière, waar het wordt omgezet in dopamine. “Dit medicijn fungeert als een externe dopaminebron”, legt Verdegaal uit. “Maar het moet eerst de hersenen bereiken om effect te hebben.”

Normaal gesproken blokkeren COMT-remmers enzymen die levodopa voor de hersenen omzetten. De nieuwe bevindingen tonen echter aan dat deze medicijnen ook schadelijk kunnen zijn voor bepaalde darmbacteriën, waardoor andere bacteriën, zoals E. faecalis, juist toenemen. Deze bacteriën breken levodopa af, waardoor het medicijn minder effectief wordt.

Eerdere studies toonden al aan dat patiënten met hogere niveaus van E. faecalis in hun darmen minder baat hebben bij levodopa. “Patiënten krijgen vaak meerdere medicijnen voorgeschreven”, zegt Verdegaal. “Hoewel Parkinson hier een voorbeeld van is, suggereert dit onderzoek dat we de rol van de darmflora bij andere medicijncombinaties nauwkeuriger moeten onderzoeken.”

De bevindingen sluiten aan bij groeiend bewijs dat verschillen in darmmicrobiota kunnen verklaren waarom patiënten verschillende reacties op hetzelfde medicijn vertonen. “Ik hoop dat ons onderzoek een opstap is naar een bredere context”, aldus Verdegaal.

Het onderzoek werd gefinancierd door het National Institutes of Health en Yale University. De inhoud van dit artikel is uitsluitend de verantwoordelijkheid van de auteurs en weerspiegelt niet per se de officiële standpunten van het NIH.