Toen de gratis battle-simulator Pokémon Champions vorige week verscheen, viel de ontvangst niet mee. Direct na de lancering kreeg het spel veel kritiek te verduren, vooral vanwege technische problemen en opvallende ontwerpkeuzes. Dit is geen uitzondering: bijna elk nieuw spel in de reeks krijgt soortgelijke reacties bij de release.

Hardcore fans waren vooral teleurgesteld door de beperkte inhoud. Hoewel The Pokémon Company het spel presenteerde als dé nieuwe thuisbasis voor officiële competities, bevat Pokémon Champions slechts een klein deel van de Pokédex: van meer dan 1.000 Pokémon zijn er slechts ongeveer 190 beschikbaar. Daarnaast ontbreken veel essentiële items, aanvallen en strategieën die normaal gesproken het competitieve spel bepalen. Voor actieve deelnemers aan het officiële circuit, zoals de Pokémon Video Game Championships (VGC), was het een verrassing dat hun zorgvuldig getrainde Pokémon niet meer bruikbaar waren in competitieve wedstrijden.

Gemiddelde fans hadden dan weer andere verwachtingen. Zij hoopten op een soort Pokémon Stadium, maar dan met een moderne twist. Pokémon Champions lijkt inderdaad op de N64-klassiekers, omdat het volledig draait om battles in plaats van het traditionele RPG-formaat. Toch mist het spel een belangrijke functie: er is geen singleplayer-modus. Het enige wat spelers kunnen doen, is online vechten tegen andere mensen. Zelfs de standaard zes-tegen-zes battles uit de hoofdreeks zijn niet beschikbaar. In plaats daarvan zijn er alleen dubbelgevechten (waarbij je vier van je zes Pokémon selecteert voor een twee-tegen-twee gevecht) of een variant op enkelgevechten (waarbij je drie van je zes Pokémon kiest voor een één-tegen-één battle). Ook mini-games, zoals de geliefde Clefairy Says, ontbreken helaas.

Toch heeft Pokémon Champions ondanks deze tekortkomingen een verrassende aantrekkingskracht op een specifieke doelgroep: beginners die graag willen starten met competitief Pokémon, maar nog niet de stap hebben gezet. Het officiële VGC-circuit bestaat al bijna twintig jaar, en voor veel spelers was het opbouwen van een competitief team altijd een complexe en tijdrovende klus.

Vroeger moest je bijvoorbeeld eerst de Pokémon vangen die je wilde gebruiken, controleren of ze de juiste verborgen statistieken hadden (Individual Values, of IVs), en ze vervolgens trainen door tegen specifieke vijanden te vechten om andere verborgen statistieken (Effort Values, of EVs) te verhogen. Als je een Pokémon uit een oudere game wilde gebruiken in een nieuwere titel, moest je vaak een ingewikkelde reeks van trades doorlopen, waarbij je elk spel in de keten moest bezitten en uitgespeeld hebben. Hoewel recentere spellen deze processen al wat vereenvoudigd hebben – bijvoorbeeld door het direct bewerken van IVs en EVs en het gebruik van Pokémon Home voor trades – bleef het trainen van nieuwe Pokémon toch een tijdrovende klus.

Pokémon Champions schrapt veel van deze ingewikkelde stappen. In plaats van Pokémon te moeten vangen en op te levelen, kun je nu direct hun statistieken, movesets, aard en vaardigheden selecteren via een menu. Hoewel kennis over zaken als EV-plaatsing nog steeds een drempel kan vormen, maakt de game het voor beginners een stuk toegankelijker om snel een competitief team samen te stellen. Battle Data, een systeem dat inzicht geeft in de sterkte en zwakte van verschillende Pokémon en strategieën, helpt spelers bovendien om slimmere keuzes te maken tijdens het bouwen van hun team.

Bron: AV Club