Meerdere aanslagen in korte tijd

De afgelopen periode zijn in de Verenigde Staten meerdere gewelddadige incidenten tegen politieke tegenstanders en publieke figuren gepleegd. Zo werd de conservatieve activist Charlie Kirk neergeschoten, overleed een Democratische politica met haar echtgenoot door schietpartijen in Minnesota en werd het huis van gouverneur Josh Shapiro in Pennsylvania in brand gestoken.

Ook voormalig president Donald Trump ontkwam recent aan drie aanslagen, waaronder een incident tijdens het diner van de White House Correspondents’ Association. Een man drong gewapend met een jachtgeweer, pistool en messen een beveiligingscontrolepost binnen met de bedoeling meerdere Trump-medewerkers aan te vallen.

Wie is verantwoordelijk voor de toename?

Witte Huis-woordvoerster Karoline Leavitt wees in een persconferentie naar Democratische politici en media, die volgens haar met hun retoriek geweld tegen Trump zouden hebben aangemoedigd. Toch is de werkelijkheid complexer dan een eenzijdige schuldvraag.

Onderzoekers benadrukken dat gewelddadige taal wel degelijk een rol kan spelen, maar dat de oorzaken van politiek geweld veel breder zijn. Factoren als polarisatie, sociale media en een gebrek aan vertrouwen in instituties dragen bij aan de stijgende trend.

Hoe meet je politiek geweld?

Het bijhouden van politiek geweld is een uitdaging. Verschillende organisaties hanteren uiteenlopende definities en methoden, wat de vergelijkbaarheid van cijfers bemoeilijkt. Toch zijn er consistente patronen zichtbaar:

  • Capitol Police: Het aantal bedreigingen tegen Congresleden en hun medewerkers is sinds 2015 sterk gestegen.
  • Princeton University’s Bridging Divides Initiative: Lokale dreigingen namen toe na belangrijke politieke gebeurtenissen, zoals de presidentsverkiezingen van 2024 en de dood van Charlie Kirk.
  • Global Terrorism Database (UMD): Moordaanslagen en pogingen daartoe namen wereldwijd toe vanaf het midden van de jaren 2010, na een daling in de jaren 90.
  • Center for Strategic and International Studies (CSIS): Antiregeringsgeweld in de VS bereikte in 2025 het hoogste niveau in meer dan 30 jaar.

Waarom zijn de cijfers niet eenduidig?

Er zijn verschillende redenen waarom het meten van politiek geweld problematisch is:

  • Definitieverschillen: Wat wordt precies als politiek geweld gezien? Moord, brandstichting, bedreigingen of ook online haat?
  • Afhankelijkheid van media: Veel datasets baseren zich op nieuwsberichten, terwijl lokale journalistiek in verval is.
  • Kleine steekproeven: Bij sommige incidenten zijn de aantallen te laag om betrouwbare conclusies te trekken.

Internationale vergelijking

Ook wereldwijd is een stijging zichtbaar. Volgens de Global Terrorism Database nam het aantal politieke moordaanslagen toe vanaf 2015, na een periode van afname in de jaren 90. Experts wijzen op vergelijkbare oorzaken: toenemende polarisatie, desinformatie en een afbrokkelend vertrouwen in overheden.

"Politiek geweld is geen eenvoudig verhaal van oorzaak en gevolg. Het is een complex samenspel van maatschappelijke spanningen, individuele daden en structurele factoren."

— Onderzoeker politiek geweld, anoniem

Wat kunnen we ertegen doen?

Experts pleiten voor een combinatie van maatregelen:

  • Betere samenwerking: Politie, justitie en sociale media-platforms moeten bedreigingen sneller opsporen en aanpakken.
  • Mediawijsheid: Bewustwording van de impact van retoriek en desinformatie kan helpen polarisatie te verminderen.
  • Institutioneel vertrouwen: Overheden moeten transparanter en toegankelijker worden om het vertrouwen in instituties te herstellen.
Bron: Vox