Toen de FBI in januari een pakhuis in Fulton County, Georgia, doorzocht om honderden dozen met verkiezingsdocumenten uit 2020 in beslag te nemen, zag countycommissaris Dana Barrett daar geen grondig strafrechtelijk onderzoek in, maar een vorm van politiek theater.
Ruim vijf jaar na de verkiezingen zijn de resultaten al meerdere keren gecontroleerd. De stemmen zijn talloze keren geteld, herteld en nogmaals nagekeken. Toch houdt de leugen stand dat de verkiezingen van 2020 gestolen zouden zijn. De ‘Stop the Steal’-beweging, ooit een marginaal protest, heeft inmiddels ongekende invloed gekregen. Haar meest overtuigde aanhangers bekleden nu belangrijke posities, waaronder in de Verkiezingsraad van Georgia – een cruciaal orgaan in deze swing state.
Een advocaat, bekend om zijn bereidheid om onwaarschijnlijke verkiezingszaken aan te vechten, is opgeklommen van een onbekende privépraktijk tot een sleutelrol in het Witte Huis. Hij staat daar aan het hoofd van de inspanningen voor ‘verkiezingsintegriteit’, ondanks een rechterlijke sanctie wegens het verspreiden van ‘onmiskenbaar valse’ beweringen over stemmen. Ook gewone aanhangers van de beweging proberen het systeem te veranderen dat zij als kapot beschouwen – met het risico dat ze het daadwerkelijk breken.
Deze week onderzoekt Reveal, in samenwerking met Mother Jones-verslaggeefster Abby Vesoulis en Reveal’s Najib Aminy, hoe de twijfel over de verkiezingen van 2020 wordt ingezet als wapen en wat dit betekent voor de tussentijdse verkiezingen van 2026.