De Republikeinse supermeerderheid in het parlement van Ohio heeft de afgelopen tijd een reeks wetten geïntroduceerd die de grenzen van gezond verstand en grondrechten opzoeken. Een van de meest opvallende voorstellen is een wet die medisch personeel verplicht een ‘levenscertificaat’ in te dienen voor elke foetus bij wie een hartslag wordt vastgesteld. Daarnaast ligt er een Ohio-versie van de SAVE Act, een apart wetsvoorstel dat dragshows verbiedt, en maatregelen om het bezit van land door immigranten te beperken. Ook wordt er gewerkt aan een verbod op fluoride in drinkwater en strengere regels voor de toegang tot het abortusmiddel mifepristone.

Voor de meeste Ohioanen is deze wetgevende agenda een ‘omnibus puinhoop’, aldus Democratisch parlementslid Karen Brownlee. Zij wijst erop dat de Republikeinse meerderheid vooral ‘rood vlees’ voor de komende primaire’s aan het produceren is.

Gerrymandering drijft wetgeving naar de uitersten

Gerrymandering – het manipuleren van kiesdistricten om een partij oneerlijk voordeel te geven – leidt vaak tot ‘veilige’ districten waar de grootste politieke concurrentie binnen de eigen partij plaatsvindt. Daardoor verschuiven de standpunten van gekozenen steeds verder van het politieke midden. Ohio, ooit een swing state, is een schoolvoorbeeld van wat er gebeurt wanneer gerrymandering een race naar de uitersten in gang zet.

Hoewel Ohio over het algemeen als een gematigde staat wordt gezien – of zelfs licht progressief – hebben de Republikeinse wetgevers de afgelopen jaren geprobeerd om de door kiezers vastgelegde reproductieve rechten te ondermijnen. In 2023 stemden de Ohioanen bijvoorbeeld voor het legaliseren van recreatief cannabisgebruik en voor het opnemen van reproductieve vrijheden – van anticonceptie tot vruchtbaarheidsbehandelingen en abortus – in de grondwet van de staat.

‘Levenscertificaat’ als nieuwe aanval op reproductieve rechten

Het meest controversiële voorstel is Ohio House Bill 754, dat medisch personeel verplicht om binnen tien dagen na het vaststellen van een foetale hartslag een ‘levenscertificaat’ in te dienen bij de lokale registratie van vitaliteitsstatistieken. Daarnaast moet de zwangere patiënt een afdruk van dit certificaat ontvangen. De wet probeert hiermee de juridische definitie van ‘leven’ te veranderen en foetale sterfte nauwkeuriger te monitoren.

Momenteel is er geen verplichting om een overlijdensakte op te stellen na een abortus. Bij foetale sterfte in andere gevallen moet deze alleen worden geregistreerd bij de lijkschouwer als de zwangerschap langer dan twintig weken heeft geduurd. H.B. 754 zou echter verplichten dat alle foetale sterfgevallen worden geregistreerd, inclusief de oorzaak: abortus, miskraam of doodgeboorte. Volgens Rachel Coyle, medeoprichter van How Things Work at the Ohio Statehouse, is deze wet ‘onmenselijk’ voor vrouwen die een miskraam of doodgeboorte meemaken, of voor stellen die moeite hebben met zwanger worden.

‘Het is ongelooflijk wreed om vrouwen te dwingen al hun verlies te documenteren. Stel je voor dat je keer op keer een miskraam meemaakt en dan ook nog eens verplicht wordt om dat officieel vast te leggen.’

De sponsor van H.B. 754, Jean Schmidt, lijkt met dit voorstel haar conservatieve geloofwaardigheid bij haar achterban te willen verstevigen. Schmidt, die soms bipartitisch samenwerkt met Democraten, staat deze lente in een zware Republikeinse voorverkiezing tegen Dillon Blevins. Blevins heeft een opvallende politieke geschiedenis: tijdens zijn eerste campagne tegen Schmidt gebruikte hij de slogan ‘God, familie en vrijheid’ – een thema dat hij later deels heeft verlaten.