De spanningen tussen de Verenigde Staten en Iran bereiken een nieuw hoogtepunt door wat experts beschrijven als het terugkeren van het Amerikaanse ‘petro-imperialisme’. Afgelopen maandag kondigde het Iraanse leger aan ‘noodzakelijke maatregelen’ te zullen nemen tegen Amerikaanse troepen, nadat een Iraans vrachtschip onder Amerikaanse blokkade werd beschoten en in beslag genomen. Hiermee lijkt elke hoop op een spoedige vredesbespreking vervlogen.
Een woordvoerder van het Iraanse leger noemde de Amerikaanse actie een ‘flagrante agressie’, maar benadrukte dat de veiligheid van de bemanning en hun families de hoogste prioriteit heeft. Deze ontwikkelingen markeren een aanzienlijke escalatie in de strijd om de controle over de Straat van Hormuz, een cruciale waterweg in de Perzische Golf waarvoor ongeveer 20% van de wereldwijde olie- en gastransporten passeert.
Na een tien dagen durende wapenstilstand tussen Israël en Libanon heropende Iran de Straat van Hormuz. Echter, op zaterdag maakte het land bekend deze beslissing terug te draaien. Volgens Iran zal de waterweg pas weer worden geopend wanneer de VS hun blokkade op alle schepen die Iraanse havens aandoen of verlaten, opheft. Mohammad Bagher Ghalibaf, voorzitter van het Iraanse parlement, kwalificeerde de blokkade als ‘een onhandige en onwetende beslissing’ die in strijd is met de recent gesloten wapenstilstand.
Sindsdien zou Iran schepen met Indiase vlaggen hebben beschoten die de Straat van Hormuz probeerden te passeren. Ondertussen dreigde president Donald Trump met oorlogsmisdaden door civiele infrastructuur in Iran te vernietigen, zoals energiecentrales en bruggen, indien het land niet zou meewerken aan een nieuw akkoord om de oorlog te beëindigen. Iran weigert echter toe te geven, terwijl de VS vasthouden aan hun maritieme blokkade.
De twee landen zitten hierdoor in een patstelling. Volgens CNN zou vicepresident JD Vance dinsdag naar Pakistan reizen om met Iran te overleggen, maar de ervaring van Vance als onderhandelaar is beperkt.
Jeff Colgan, hoogleraar politicologie en directeur van het Climate Solutions Lab aan de Brown University, waarschuwde eerder al voor de gevolgen van het Amerikaanse beleid. Hij stelde dat de slechte planning en het gebrek aan vooruitziendheid van de Trump-regering, samen met de Israëlische bombardementen, hebben geleid tot de huidige crisis. Volgens Colgan heeft de VS zich opnieuw gericht op ‘petro-imperialisme’: interventiebeleid dat niet alleen Iran raakt, maar ook recent tot aanvallen op Venezuela heeft geleid.
Sinds 9 april zijn er meer dan 3.000 doden gevallen in Iran. Het land voelt zich in het nauw gedreven en heeft weinig realistische opties meer om zich te verdedigen, vooral omdat de VS al sinds de jaren 50 ingrijpt in de Iraanse oliehandel.