Stedelijke gebieden dragen voor ongeveer een tiende bij aan de wereldwijde methaanuitstoot. Dat blijkt uit een nieuwe analyse van satellietgegevens, gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences of the United States of America. Ondanks de beloftes van steden om deze uitstoot te verminderen, steeg de methaanuitstoot van stedelijke gebieden met ongeveer 10% tussen 2020 en 2023.

Methaan is een krachtig broeikasgas dat korter in de atmosfeer blijft dan kooldioxide. Daardoor levert het sneller verminderen van methaanuitstoot grote klimaatvoordelen op op korte termijn. Hoewel olie- en gasactiviteiten en landbouw belangrijke bronnen zijn, spelen ook steden en hun infrastructuur een significante rol.

Monitoring via satellieten
Erica Whiting, promovendus in klimaat- en ruimtewetenschappen aan de Universiteit van Michigan, benadrukt het belang van monitoring:

"Steden zijn begonnen met het verminderen van hun methaanuitstoot, en we hopen deze ontwikkelingen te kunnen volgen."

Tot nu toe werden metingen van stedelijke methaanuitstoot vooral gebaseerd op grondmetingen en schattingen op basis van activiteiten, zoals afvalwaterzuiveringsinstallaties, stortplaatsen en lekkende gasinfrastructuur. Deze studies richtten zich meestal op een handvol steden, vaak in Noord-Amerika en Europa. Whiting en haar team voerden echter een van de eerste onderzoeken uit met satellietgegevens om de methaanuitstoot van steden over een langere periode te monitoren. Satellieten bieden wereldwijde, langdurige metingen en geven een duidelijker beeld van de effectiviteit van mitigatiestrategieën.

Steden lopen achter op hun doelen

Steeds meer steden streven naar vermindering van hun koolstofuitstoot, maar de nieuwe gegevens tonen aan dat veel van hen hun doelen niet halen. Het onderzoek van Whiting omvatte 92 steden wereldwijd, waaronder 51 leden van de C40 Cities Climate Leadership Group, een coalitie van 96 landen die streeft naar een halvering van de broeikasgasuitstoot tegen 2030, inclusief een vermindering van methaan met 34%. Deze doelen sluiten aan bij de ambitie om de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5°C boven het pre-industriële niveau.

Het team analyseerde methaangegevens van het satellietinstrument TROPOMI (Tropospheric Monitoring Instrument) tussen 2019 en 2023. Sinds de lancering in 2017 meet TROPOMI wereldwijd continu de concentraties van methaan en andere gassen. Uit de gegevens bleek dat de methaanuitstoot in stedelijke gebieden tussen 2019 en 2020 afnam, maar daarna weer steeg: met 10% in C40-steden en 12% in niet-C40-steden.

Het onderzoek richt zich niet alleen op stedelijke centra, maar ook op de omringende gebieden, waar bekende bronnen zoals stortplaatsen en afvalwaterzuiveringsinstallaties vaak liggen. TROPOMI, aan boord van de Sentinel-5P-satelliet, meet methaanconcentraties in de atmosfeer. Op satellietbeelden van stedelijke gebieden zijn hogere methaanconcentraties zichtbaar in warmere kleuren.

Whiting geeft aan dat het huidige onderzoek geen directe oorzaak kan aanwijzen voor deze trends. Wel suggereert ze dat de groei van stedelijke bevolking tijdens de onderzoeksperiode een mogelijke factor kan zijn.

"In de meeste regio’s...