Een federaal hof heeft de plannen van president Donald Trump om asielaanvragen aan de zuidelijke grens van de Verenigde Staten te blokkeren, definitief tegengehouden. Het Amerikaanse Hof van Beroep in Washington oordeelde vrijdag met een meerderheid van twee tegen één dat Trump geen uitzonderlijke bevoegdheden heeft om migranten zonder proces te verwijderen of hun asielrecht op te heffen.

De uitspraak betekent dat migranten die illegaal de grens oversteken, nog steeds het recht hebben om asiel aan te vragen, tenzij ze voldoen aan de wettelijke voorwaarden. De rechters Cornelia Pillard (benoemd door Obama) en J. Michelle Childs (benoemd door Biden) stemden tegen Trumps plannen, terwijl Justin Walker, een door Trump benoemde rechter, voor de regering koos.

Het hof bevestigde hiermee een eerdere uitspraak van rechter Randolph Moss uit juli 2024. Moss oordeelde toen dat Trumps executieve order uit januari 2025, die asielaanvragen voor migranten die illegaal de grens oversteken verbood, in strijd was met de federale wetgeving. Childs schreef in haar vonnis:

"Het is onmogelijk om buitenlandse personen die fysiek in de Verenigde Staten aanwezig zijn, het recht te ontzeggen om asiel aan te vragen en, indien ze voldoen aan de wettelijke voorwaarden, in aanmerking te komen voor asiel."

De zaak is waarschijnlijk nog niet ten einde. Stephen Miller, een belangrijke adviseur van Trump, had eerder al kritiek geuit op de lagere rechtbanken. Hij noemde rechter Moss een "marxistische rechter" die probeerde "de uitspraken van het Hooggerechtshof te omzeilen". Miller suggereerde dat de zaak uiteindelijk bij het Hooggerechtshof terecht zal komen.

Onder Trumps presidentschap zijn asielaanvragen sterk gedaald. De president heeft immigratierechters ontslagen en massale uitzettingen doorgevoerd, ondanks herhaalde nederlagen in de rechtbank. Toch blijft de uitspraak van vrijdag een belangrijke tegenslag voor zijn asielbeleid.