Premierminister Mark Carney van Canada heeft maandag een nieuw fonds aangekondigd dat de economische toekomst van het land moet veiligstellen. Het zogenaamde ‘Canada Strong Fund’, met een startkapitaal van 25 miljard Canadese dollar (zo’n 18,4 miljard euro), moet investeringen in infrastructuur, geavanceerde productie, energie en mijnbouw financieren.
Carney stelde dat de wereldwijde economische orde, mede beïnvloed door de handelspolitiek van voormalig president Donald Trump, ingrijpend verandert. Volgens hem zijn Canada’s traditionele banden met de Verenigde Staten niet langer een sterk punt, maar juist een zwakte. Om deze situatie te keren, moet het fonds fungeren als een ‘nationaal spaar- en investeringsfonds’, geïnspireerd op het Noorse model van 2 biljoen dollar.
Maar er is één groot verschil: terwijl het Noorse fonds wordt gevoed door olie- en gasinkomsten en alleen de opbrengsten mag uitgeven, zal het Canadese fonds gefinancierd worden met leningen. Bovendien zullen de gelden direct worden besteed aan Canadese bedrijven, in plaats van buitenlandse projecten. “Dit is geen rijkdomfonds. Het is een schuldengedreven slush fund voor bedrijven,” aldus Franco Terrazzano, federaal directeur van de Canadian Taxpayers Federation.
Critici waarschuwen dat het fonds niet gebaseerd is op spaargeld of vermogen, maar op geleend geld. “De overheid gokt met belastinggeld op riskante bedrijfssubsidies,” aldus Terrazzano. Hoewel de exacte projecten nog niet bekend zijn, zal de Canadese overheid de komende jaren naar verwachting een tekort van 66,9 miljard dollar hebben. De federale schuld is al opgelopen tot meer dan 1,2 biljoen dollar, wat neerkomt op 41,2% van het bruto binnenlands product.
Ondanks deze financiële risico’s gaat de overheid onverminderd door met het plan. Terrazzano wijst erop dat het fonds niet het enige is: Canada heeft al meerdere programma’s die soortgelijke doelen nastreven, zoals de Canada Infrastructure Bank, de Canada Growth Fund en talloze subsidies. Deze programma’s hebben echter een slechte reputatie als het gaat om verantwoord bestedingen van publiek geld.
De Canada Infrastructure Bank, gelanceerd in 2017 met 35 miljard dollar aan belastinggeld, zou meer dan 100 projecten financieren, maar voltooide er slechts 11. Een van de mislukte projecten was de Lake Erie Connector, een hoogspanningskabel tussen Ontario en Pennsylvania. Na een investering van 655 miljoen dollar in het 1,7 miljard dollar kostende project, trok de ontwikkelaar zich terug vanwege “snelle kostenstijgingen”. De eerste CEO van de bank, Pierre Lavallée, nam in 2020 ontslag zonder één project af te ronden, maar ontving desondanks een forse bonus.
Ook de Canada Growth Fund, bedoeld om economische groei en emissiereductie te stimuleren, heeft tot nu toe weinig resultaat opgeleverd. Terrazzano concludeert: “Dit is geen economisch herstelplan, maar een recept voor financiële chaos.”