De aanklacht tegen voormalig FBI-directeur James Comey, die hem beschuldigt van het bedreigen van president Donald Trump, lijkt juridisch gezien op drijfzand. Volgens het Amerikaanse ministerie van Justitie heeft een elf maanden durend onderzoek voldoende bewijs geleverd voor deze onwaarschijnlijke beschuldiging. Maar de kern van de zaak draait om een Instagram-bericht met de code '86 47', een veelgebruikte politieke slogan die niets met geweld te maken heeft.

In een interview met NBC’s Meet the Press gaf waarnemend procureur-generaal Todd Blanche aan dat het bewijs verder gaat dan alleen het Instagram-bericht. Hij claimt dat dit extra bewijs de intentie van Comey zou aantonen om Trump te bedreigen. Toch blijft de vraag of dit bewijs juridisch houdbaar is, vooral omdat de eerste aanklacht berust op een uiterst zwakke basis.

Wat betekent '86 47' eigenlijk?

De aanklacht stelt dat Comey met het plaatsen van een foto van schelpen in het zand, die de boodschap '86 47' vormden, een doodsbedreiging heeft geuit. Volgens de aanklacht zou een 'redelijke ontvanger' deze boodschap als een serieuze bedreiging moeten interpreteren. Maar deze redenering is juridisch gezien problematisch.

'86 47' is een bekende politieke slogan die vaak wordt gebruikt om afkeer tegen Trump uit te drukken. Het getal 86 komt uit de horeca en betekent 'afvoeren' of 'afwijzen'. Het getal 47 verwijst naar de 45e president van de Verenigde Staten, Donald Trump. De slogan is wijdverspreid en is te koop op T-shirts en bumperstickers. Het is dan ook ongeloofwaardig dat deze code als een doodsbedreiging zou worden opgevat.

Juridische obstakels voor de aanklacht

Om Comey te veroordelen onder sectie 871 van de Amerikaanse wet, moeten aanklagers bewijzen dat hij opzettelijk en bewust een bedreiging heeft geuit. Dit is een hogere drempel dan de 'roekeloosheid'-standaard die het Hooggerechtshof in 2023 heeft vastgesteld in de zaak Counterman v. Colorado. Volgens die uitspraak moet de overheid aantonen dat de verdachte zich bewust was van een aanzienlijk risico dat zijn uitspraken als bedreigend zouden worden opgevat. Maar sectie 871 vereist meer: de verdachte moet niet alleen dit risico hebben onderkend, maar ook de bedoeling hebben gehad dat zijn boodschap als een bedreiging zou worden opgevat.

In een vergelijkbare zaak uit 2004 (United States v. Fuller) oordeelde het Amerikaanse Hof van Beroep voor het 7e circuit dat een verdachte kan worden veroordeeld onder sectie 871, zelfs als hij niet van plan was zijn dreigement uit te voeren. Toch moet de overheid wel bewijzen dat de communicator opzettelijk en bewust een bedreiging heeft geuit. Dit maakt de aanklacht tegen Comey bijzonder zwak, gezien de context van de gebruikte code.

Constitutionele bezwaren tegen de aanklacht

De aanklacht roept ook vragen op over de scheidslijn tussen vrije meningsuiting en strafbare bedreigingen. Het Hooggerechtshof heeft herhaaldelijk benadrukt dat bedreigingen alleen strafbaar zijn als ze redelijkerwijs als zodanig kunnen worden opgevat. Gezien de wijdverspreide en onschuldige betekenis van '86 47', is het onwaarschijnlijk dat een rechter deze code als een serieuze doodsbedreiging zou kwalificeren.

De aanklacht tegen Comey lijkt dan ook vooral politiek gemotiveerd te zijn. Het is twijfelachtig of deze zaak standhoudt in de rechtbank, gezien de zwakke juridische basis en de onduidelijke betekenis van de gebruikte code.

Bron: Reason