De afgelopen tijd is er veel aandacht voor de zogenaamde looksmaxxers: een online gemeenschap, vooral bestaande uit mannen, die extreme maatregelen nemen om hun uiterlijk te verbeteren. Denk aan zelfverminking voor een sterker kaaklijn of het gebruik van harddrugs voor een gespierder lichaam. Hun daden zijn schokkend, maar hun motivatie is begrijpelijk: in onze cultuur heeft een mooi uiterlijk duidelijk voordeel. Toch is er een tegenbeweging ontstaan, zichtbaar in twee nieuwe memoires waarin auteurs hun vermeende lelijkheid omarmen en onderzoeken.

‘Ik ben een lelijke vrouw’, zo begint journalist Stephanie Fairyington haar boek Ugly, dat in mei verschijnt. Poëet en kunstenaar Moshtari Hilal schrijft in Ugliness, dat vorig jaar uitkwam: ‘Op mijn veertiende hoorde ik veertien keer dat ik lelijk was.’

Beide auteurs maken dezelfde berekening als de looksmaxxers: een mooi uiterlijk maakt het leven makkelijker. Maar in plaats van naar de hamer of de naald te grijpen, kiezen zij ervoor om de cultuur rond uiterlijk te onderzoeken. In hun boeken analyseren ze hun eigen onzekerheden, de objectieve waarheid achter schoonheid en de eeuwenlange racistische en misogyne invloeden die onze perceptie van lelijkheid hebben gevormd.

Zij vragen zich af of het waardevol is om jezelf lelijk te noemen en je daar niet meer druk om te maken, of dat het simpelweg een vorm van zelfhaat is. ‘Ik kan mezelf niet verzoenen met lelijkheid door alleen esthetiek en poëzie,’ schrijft Hilal na pagina’s vol poëzie en foto’s gewijd aan haar neus, die ze te groot vindt voor haar gezicht. ‘Het voelt te kwetsbaar om toe te geven dat schoonheid of het gebrek daaraan ons leven beïnvloedt, zelfs vormgeeft,’ aldus Fairyington.

Tijdens het lezen van deze boeken vroeg ik me af of de auteurs wel verder waren dan de looksmaxxers. Het woord ‘lelijk’ is zo geladen dat een poging om het te herdefiniëren soms juist als zelfverwijt overkomt. Ik voelde me zelfs verdedigend opstellen toen ik foto’s van de auteurs zag en hun zelfbenoemde ‘lelijkheid’ wilde weerleggen. ‘Helemaal niet lelijk!’ riep ik hardop toen ik een foto van een vrouw zag die er allesbehalve lelijk uitzag. Toch maakt Fairyington duidelijk dat ze dergelijke complimenten niet waardeert. Ze stelt dat we moeten stoppen met het romantiseren van uiterlijk en in plaats daarvan de culturele druk moeten onderzoeken die ons dwingt om perfectie na te streven.

Bron: Vox