Nutsbedrijven zoals elektriciteits-, water- en gasleveranciers staan op een keerpunt. Het zogenaamde ‘reguleringsakkoord’ dat decennialang de basis vormde voor hun bedrijfsvoering, wordt steeds vaker in twijfel getrokken. Dit akkoord garandeerde nutsbedrijven een vaste winstmarge in ruil voor betrouwbare en betaalbare dienstverlening aan consumenten.

Twee recente gebeurtenissen illustreren deze fundamentele verschuiving. In Pennsylvania schreef gouverneur Josh Shapiro een brief aan nutsbedrijven in de staat, waarin hij stelde dat het ‘20e-eeuwse nutsbedrijfsmodel kapot is’. Hij wees op sterk gestegen kosten en tarieven, die volgens hem mede het gevolg zijn van beleids- en financiële keuzes van de bedrijven zelf, waaronder overmatige tariefsverzoeken.

Ook bij de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van Berkshire Hathaway sprak nieuwe CEO Greg Abel zich uit over de uitdagingen waar nutsbedrijven voor staan. Volgens Abel is het reguleringsakkoord ‘onder druk’ gekomen. Hij legde uit dat Berkshire Hathaway kapitaal investeert in nutsbedrijven, waarvoor het een vaste vergoeding ontvangt. ‘Dit model heeft decennialang goed gewerkt,’ aldus Abel. ‘Maar nu komt het onder druk te staan.’

De kern van het probleem? Nutsbedrijven hebben enorme investeringsbehoeften, bijvoorbeeld voor het vervangen van verouderde infrastructuur. Tegelijkertijd eisen overheden en toezichthouders dat de tarieven voor consumenten zo laag mogelijk blijven. ‘Als we die balans niet vinden, stoppen we met investeren in deze bedrijven,’ waarschuwde Abel.

Een voorbeeld van deze spanning is PacifiCorp, een nutsbedrijf in handen van Berkshire Hathaway dat actief is in het westen van de VS. Het bedrijf kampt met enorme kosten door aansprakelijkheidsclaims na bosbranden, met name in Oregon. Daarnaast heeft het te maken met uiteenlopende regelgeving in de zes staten waar het actief is, wat de betrouwbaarheid en betaalbaarheid van de dienstverlening onder druk zet.

Eerder dit jaar besloot PacifiCorp bijna 2 miljard dollar aan activa te verkopen in de staat Washington. De reden? ‘De uiteenlopende beleidsmaatregelen in de staten waar we actief zijn, zorgen voor ongekende druk,’ aldus het bedrijf. ‘Dit beïnvloedt onze capaciteit om betrouwbare en betaalbare energie te leveren.’

In Californië ging Pacific Gas & Electric (PG&E) zelfs failliet door de financiële gevolgen van bosbrandschade. Aan de oostkust van de VS zijn de hoge energiekosten vooral het gevolg van andere factoren, zoals de energietransitie en stijgende brandstofprijzen. Consumenten zijn boos over de stijgende kosten, terwijl nutsbedrijven zich geconfronteerd zien met tegenstrijdige eisen: investeren in duurzame energie én tarieven laag houden.

De vraag is niet langer of het oude nutsbedrijfsmodel nog werkt, maar hoe een nieuw model eruit zou moeten zien. Moeten consumenten meer betalen voor betrouwbare en duurzame energie? Of moeten nutsbedrijven efficiënter gaan werken om de kosten te drukken? Eén ding is zeker: de discussie over de toekomst van nutsbedrijven is in volle gang.